Doekle Terpstra bij masterclass Communicatie

‘Je moet elkaar niet piepelen’
Doekle Terpstra speekt met communicatiestudenten over zijn contact met de media

Op dinsdag 22 april was voorzitter van de HBO-raad Doekle Terpstra te gast tijdens de eerste masterclass georganiseerd door de opleiding communicatie. Terpstra ging in discussie met een dertigtal communicatiestudenten. Zij hadden zich door voorbereiding op het onderwerp ‘Contact met de Media’ een toegangskaart verschaft. Tijdens de masterclass werd in drie rondes besproken hoe Terpstra omgaat met de media. Per ronde kregen drie studenten de gelegenheid om aan tafel de voorzitter vragen te stellen. Organisatoren van de masterclass Melchior van Benthem en Lidy Witteveen traden op als gespreksleiders. ‘Zorg dat je in de harten van de mensen komt: je moet je publiek weten te raken met je boodschap. Integriteit en vertrouwen is daarbij heel belangrijk.’ Was de strekking van Terpstra’s toelichtingen.

Spontaniteit
In de eerste ronde staat Terpstra’s contact met de media vanuit zijn voorzittersfunctie centraal: ‘Bij sommige kwesties kun je heel gemakkelijk het standpunt van de HBO-raad duidelijk maken. Dat lukt natuurlijk niet altijd. Dan moet je een standpunt innemen waarvan jíj denkt dat het binnen het beleid van de HBO-raad ligt.’ Integriteit is daarbij erg belangrijk: ‘Blijf dicht bij jezelf. Ga uit van je eigen spontaniteit en bedenk goed wie ben ik, wat wil ik en waar sta ik voor.’

Hij verduidelijkt de verhouding die woordvoerder en voorlichter tot elkaar hebben: ‘Ik ben de woordvoerder. Ik word bijgestaan door mijn voorlichter met wie ik heel veel overleg. Je moet hem kunnen vertrouwen en hij moet mij kunnen vertrouwen dat ik verkondig wat we hebben doorgenomen. Omdat je zo’n intensieve wisselwerking hebt, ben je elkaars sparringspartner. De voorlichter moet daarom sterk in zijn schoenen staan. Hij moet niet bang zijn besluiten te nemen. Een keer een fout maken mag. Als jullie straks voorlichter zijn, houd je woordvoerder dan kort!’ Terpstra kijkt geamuseerd de zaal in.

Afgemaakt
Naar eigen zeggen bezigde Terpstra de term ‘verwildering’ al langer. De uitspraken van Geert Wilders over de Koran waren echter de druppel die zijn emmer deden overlopen. In de tweede ronde vertelt hij dat hij zich tot in zijn vezels voelde aangedaan. Op persoonlijke titel schreef hij een open brief. Hij vond onder andere steun bij Foppe de Haan en tv-presentatrice Hanneke Groenteman. Volgens afspraak dienden Moslimorganisaties hem na de publicatie van repliek: ‘Het was een weloverwogen keuze om aan Nederland te laten zien dat wij initiatieven van minderheden steunen. Wij wilden hen op deze manier ook een hart onder de riem steken. Door deze aanpak konden zij heel expliciet hun steun betuigen en hun medewerking verlenen.’

Dat de brief een gigantische impact zou hebben, had ook Terpstra niet durven denken: ‘Ik ben geen deskundige. Ik ben Doekle Terpstra die polarisatie en verharding van de samenleving constateert. Ik maak me daar zorgen over. Helaas werd ik als deskundige benaderd. Bij Pauw en Witteman werd ik afgemaakt.’ Hij kreeg het gevoel dat hij toeschouwer werd van zijn eigen toneelstuk. ‘Het was moeilijk om mijzelf te hervinden,’ geeft Terpstra toe. ‘Wie A zegt moet ook B zeggen. Pauw en Witteman hebben mij daartoe verleidt. Daardoor heb ik Benoemen & Bouwen geschreven. Het fungeerde als vehikel om media-aandacht te genereren. Hierdoor kregen we de regie weer in handen.’

Hondje
‘Onthoud dat jíj altijd de aangever bent van informatie.’ Gebiedt Terpstra in de derde ronde. ‘Journalisten interpreteren je wel eens verkeerd, maar dat gebeurt altijd op informatie die jij ze verstrekt.’ De relatie die hij met de media heeft is gebaseerd op vertrouwen. Hoe meer vertrouwen hij heeft, hoe makkelijker hij een een-tweetje kan maken. Met beeldspraak verduidelijkt hij zijn punt: ‘Een journalist is net een hondje. Je rijkt hem iets aan, hij ruikt en als hij je vertrouwt hapt ‘ie toe. Met andere woorden, je kan journalisten prikkelen met een nieuwsfeitje. Je kan de berichtgeving daarmee een beetje sturen, maar het is altijd de vraag hoe een journalist je informatie interpreteert. De relatie met nieuwsjournalisten is altijd spannend. Zij zijn altijd opzoek naar een quote of een primeurtje. Je moet elkaar niet piepelen, want dan komt die vertrouwensrelatie in het geding. Journalisten zouden bewust kwaad over je kunnen gaan schrijven. Maar vergeet die vergelijking met het hondje maar snel,’ grapt hij.
Terpstra past ook andere manieren toe om de berichtgeving een te kunnen sturen: ‘Wie zegt dat ik meteen moet antwoorden als er een journalist belt? Ik geeft mijzelf op die manier de gelegenheid om een goed antwoord te formuleren.’ Ter afsluiting benadrukt hij de kracht van emotie: ‘Emotie wordt nog altijd gezien als een zwaktebod. Je stelt je kwetsbaarder op, maar als je het goed beheerst dan kan je heel sterk over komen.’

Met de masterclasses wil de opleiding communicatie van de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden (NHL) haar ambitieuze en gemotiveerde studenten een uitdaging bieden. De studenten hebben hierdoor de mogelijkheid om even verder te kijken en iets dieper te graven. De masterclasses liggen in het verlengde van het actuele thema van de NHL; ‘ontmoeting’.

1 Antwoord tot “Doekle Terpstra bij masterclass Communicatie”


  1. 1 tiggeler april 25, 2008 at 7:23 am

    Check ook dit verslag op de site van de NHL.

Reageer